Dorpskerk Katwijk aan den Rijn
Goede Vrijdag | Viering Heilig Avondmaal
Vrijdagochtend 3 april 2026 om 10 uur
Voorganger: ds. B.F. Bakelaar
Organist: Johan Haasnoot
Orgelspel
Welkom & afkondigingen
Intochtslied Psalm 22: 1 (DNPB): (staande)
1. Mijn God, mijn God, waarom verlaat U mij?
Waarom gaat U aan mijn geroep voorbij?
Ik smeek voortdurend: ‘Red mij, maak mij vrij.’
Niets laat U horen.
Mijn rusteloze klagen gaat verloren.
Ik smacht naar U, die bij uw volk wilt wonen.
Heilige Heer, die op ons lied wilt tronen –
waar blijft U nu?
Stil gebed – Votum & Groet
Psalm 22: 4 & 5 (DNPB)
4. Mijn angst wordt groter, ik ben zielsalleen.
Stotige stieren lopen om mij heen.
Een leeuwentroep, roofzuchtig en gemeen,
wil mij verscheuren.
Mijn hart is zwak, door niets meer op te beuren.
Droog als een scherf voel ik mezelf bezwijken.
Mijn botten kraken en mijn krachten wijken.
O God, ik sterf.
5. Als wrede honden drijven ze mij voort.
Mijn handen en mijn voeten zijn doorboord.
Ze spelen om mijn kleren – ongehoord.
Ik hang te schande.
Grijp in, HEER, red mij uit hun leeuwentanden.
Verhoor mij toch, ik smeek U haast te maken.
HEER, laat hun stierenhorens mij niet raken.
Antwoord alsnog.
Gebed
Bijbellezing Johannes 11: 47-52 (HSV)
47 De overpriesters dan en de Farizeeën riepen de Raad bijeen en zeiden: Wat doen we? Want deze Mens doet vele tekenen.
48 Als wij Hem zo laten begaan, zullen allen in Hem geloven, en de Romeinen zullen komen en onze plaats en onze natie van ons wegnemen.
49 Maar een van hen, Kajafas, die de hogepriester van dat jaar was, zei tegen hen: U weet niets,
50 en u overweegt niet dat het nuttig voor ons is dat één Mens sterft voor het volk, en niet heel het volk verloren gaat.
51 Dit zei hij echter niet uit zichzelf, maar als hogepriester van dat jaar profeteerde hij dat Jezus sterven zou voor het volk,
52 en niet alleen voor het volk, maar ook om de kinderen van God, overal verspreid, bijeen te brengen.
Bijbellezing Johannes 12: 19-33 (HSV)
19 De Farizeeën dan zeiden tegen elkaar: U ziet dat u totaal niets bereikt! Zie, de hele wereld loopt achter Hem aan.
Het stervend tarwegraan
20 Nu waren er enkele Grieken onder hen die gekomen waren om op het feest te aanbidden.
21 Die dan gingen naar Filippus, die van Bethsaïda in Galilea afkomstig was, en vroegen hem: Heer, wij willen Jezus graag zien.
22 Filippus kwam en zei het tegen Andreas, en Andreas en Filippus zeiden het op hun beurt tegen Jezus.
23 Maar Jezus antwoordde hun: Het uur is gekomen dat de Zoon des mensen verheerlijkt zal worden.
24 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als de tarwekorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, draagt hij veel vrucht.
25 Wie zijn leven liefheeft, zal het verliezen, en wie zijn leven haat in deze wereld, zal het behouden tot het eeuwige leven.
26 Als iemand Mij dient, laat hij Mij volgen, en waar Ik ben, daar zal ook Mijn dienaar zijn. En als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren.
27 Nu is Mijn ziel in beroering en wat zal Ik zeggen? Vader, verlos Mij uit dit uur. Maar hierom ben Ik in dit uur gekomen.
28 Vader, verheerlijk Uw Naam! Er kwam dan een stem uit de hemel: En Ik heb hem verheerlijkt en Ik zal hem opnieuw verheerlijken.
29 De menigte dan die daar stond en dit hoorde, zei dat er een donderslag geweest was. Anderen zeiden: Een engel heeft tot Hem gesproken.
30 Jezus antwoordde en zei: Niet voor Mij is deze stem er geweest, maar voor u.
31 Nu wordt het oordeel over deze wereld voltrokken, nu zal de vorst van deze wereld buitengeworpen worden.
32 En Ik, als Ik van de aarde verhoogd ben, zal allen naar Mij toe trekken.
33 En dit zei Hij om aan te duiden welke dood Hij zou sterven.
Bijbellezing Johannes 19: 17-18 (HSV)
17 En terwijl Hij Zijn kruis droeg, ging Hij de stad uit naar de plaats die Schedelplaats genoemd wordt en in het Hebreeuws Golgotha.
18 Daar kruisigden zij Hem en met Hem twee anderen, aan elke kant één, en Jezus in het midden.
Bijbellezing Efeze 2: 14-16 (HSV)
14 Want Hij is onze vrede, Die beiden één gemaakt heeft. En door de tussenmuur, die scheiding maakte, af te breken,
15 heeft Hij de vijandschap in Zijn vlees tenietgedaan, namelijk de wet van de geboden, die uit bepalingen bestond, opdat Hij die twee in Zichzelf tot één nieuwe mens zou scheppen en zo vrede zou maken,
16 en opdat Hij die beiden in één lichaam met God zou verzoenen door het kruis, waaraan Hij de vijandschap gedood heeft.
Psalm 69: 1 & 3
1. Red mij, o God, het water stijgt en stijgt,
ik heb geen vaste grond onder de voeten.
Zal ik dan in het niet verzinken moeten,
in het moeras des doods, waar alles zwijgt?
Ik heb geroepen tot mijn stem ’t begaf.
Voortdurend heb ik naar U uitgekeken.
Het diepe water wordt mij tot een graf,
mijn keel is hees, mijn ogen zijn bezweken.
3. Het is om U dat ik word afgeweerd,
om U draag ik het brandmerk van de schande,
verbroken zijn de broederlijke banden,
de ijver voor uw huis heeft mij verteerd.
De smaad van wie U smaadt kwam op mij neer
en met de vinger word ik nagewezen.
Mijn rouw en tranen keren tot mij weer.
In aller oog moet ik verachting lezen.
Verkondiging ‘Eén wordt gezaaid, allen komen op’, n.a.v. Johannes 12: 24
Gezang 479: 1 & 2 (LvdK)
1. Aan U behoort, o Heer der heren,
de aarde met haar wel en wee,
de steile bergen, koele meren,
het vaste land, de onzeek’re zee.
Van U getuigen dag en nacht.
Gij hebt ze heerlijk voortgebracht.
2. Gij roept het jonge leven wakker,
een tuin bloeit rond het open graf.
Er ruisen halmen op de akker
waar zich het zaad verloren gaf.
En vele korrels vormen saam
een kostbaar brood in uwe naam.
Apostolische Geloofsbelijdenis (staande)
Ik geloof in God, de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemel en van de aarde.
En in Jezus Christus, Zijn eniggeboren Zoon, onze Heer;
Die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de Maagd Maria;
die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven, neergedaald tot in de hel;
maar op de derde dag weer is opgestaan uit de doden;
is opgevaren naar de hemel, waar Hij zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader;
vanwaar Hij komen zal om te oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in de Heilige Geest;
Ik geloof een heilige algemene Christelijke Kerk, de gemeenschap van de heiligen;
Ik geloof de vergeving van de zonden; de wederopstanding van het lichaam; en een eeuwig leven. Amen
HEILIG AVONDMAAL
Avondmaalsformulier
Lied 324: 1, 2, 3 & 4 (Weerklank)
1. Alles in allen zult Gij voor ons zijn.
Een voorsmaak mogen wij van U ontvangen.
Allen die naar U uitzien met verlangen,
zult Gij verzadigen met brood en wijn.
2. Niemand is waard uw gast te mogen zijn.
Niemand van ons wordt rein voor U bevonden.
Uw tien geboden hebben wij geschonden.
Daal tot ons neer, maak door uw Geest ons rein.
3. Gij, enig hemels brood dat tot ons kwam,
leer ons gedenken hoe Gij werd gebroken,
hoe Gij vervulde wat Gij had gesproken,
hoe Gij voor ons de zonde op U nam.
4. Geef ons uw Geest want ons geloof is klein.
Geef ons door brood en wijn weer nieuwe krachten.
Ons hart omhoog! – vanwaar wij U verwachten:
alles in allen wilt Gij voor ons zijn.
Bediening Heilig Avondmaal
Bijbellezing Jesaja 53: 5-6 (HSV)
5 Maar Hij is om onze overtredingen verwond,
om onze ongerechtigheden verbrijzeld.
De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem,
en door Zijn striemen is er voor ons genezing gekomen.
6 Wij dwaalden allen als schapen,
wij keerden ons ieder naar zijn eigen weg.
Maar de HEERE heeft de ongerechtigheid van ons allen
op Hem doen neerkomen.
Psalm 40: 1 (staande)
1. Met heel mijn hart heb ik de Heer verwacht,
Hij heeft gehoord naar mijn gebed,
mij uit de modderpoel gered,
mijn voet weer op een vaste grond gebracht.
Hij heeft mij doen herleven,
mij in de mond gegeven
een nieuw lied tot zijn eer.
Laat ieder die het zag
stil zijn van diep ontzag
en hopen op de Heer.
Dank- en voorbeden
Collecte:
1. Diaconie
2. Eredienst
3. Kerkrentmeesters
4. Noden in eigen gemeente
(klik op de afbeelding om te geven via de kerk-app óf via iDEAL/Wero)
Slotlied Gezang 192: 1, 2 & 6 (LvdK) (staande)
1. O kostbaar kruis, o wonder Gods,
waaraan de Prins der glorie stierf;
ik wil om U zijn zonder trots,
ik acht verlies wat ik verwierf.
2. Bewaar mij dat ik roemen zou
dan in mijns Heren Christi dood.
Al wat ik anders noemen zou
is niets bij dit mysterie groot.
6. De aarde zelf is veel te klein
voor wie U waarlijk loven wil.
Uw liefde is een groot geheim,
zij vraagt geheel mijn hart en ziel.
Zegen | “Amen, amen, amen”
Uitleidend orgelspel
