Dorpskerk Katwijk aan den Rijn
Zondagavond 4 januari 2026 om 18:30 uur
Voorganger: ds. M. Roelofse
Organist: Wim van Duijn
Orgelspel
Welkom & afkondigingen
Intochtslied Psalm 121: 1, 2 & 4 (staande)
1. Ik sla mijn ogen op en zie
de hoge bergen aan,
waar komt mijn hulp vandaan?
Mijn hulp is van mijn Here, die
dit alles heeft geschapen.
Mijn herder zal niet slapen.
2. Uw wank’le voeten zet Hij vast,
als gij geen uitkomst ziet:
uw wachter sluimert niet!
Zijn oog wordt door geen slaap verrast,
Hij wil, als steeds voor dezen,
Israëls wachter wezen.
4. De Heer zal u steeds gadeslaan,
Hij maakt het kwade goed,
Hij is het die u hoedt.
Hij zal uw komen en uw gaan,
wat u mag wedervaren,
in eeuwigheid bewaren.
Stil gebed – Votum & Groet
Thema “Het voordeel van de twijfel”
Psalm 73: 1 & 9
1. Ja, God is goed voor Israël,
is waarlijk goed, ik weet het wel,
voor ’t zuiver hart dat leeft in vrede.
Maar ik was bijna uitgegleden.
Mijn afgunst groeide met de dag,
daar ik der bozen voorspoed zag,
hoe moeiteloos hun leven is,
zo zonder kwelling en gemis.
9. Nu blijf ik bij U altijd,
God die mij troost, die bij mij zijt,
mijn twijfel stilt en mijn verlangen,
die mij in liefde houdt omvangen.
Gij neemt mij bij de rechterhand,
Gij zijt getrouw, uw raad houdt stand,
uw wijsheid is het die mij leidt
en eenmaal kroont met heerlijkheid.
Formulier voorbereiding Heilig Avondmaal
Gezang 95: 1 & 2
1. Nu bidden wij met ootmoed en ontzag
de Vader aan, wiens naam aan elk geslacht
in hemel en op aarde aanzijn gaf,
dat, naar zijn heerlijk wezen,
Hij ons de kracht des Heilgen Geestes geve
en de Messias bij ons intrek neme.
Zijn liefde is de grondslag van ons leven,
de oorsprong van ons hart.
2. Dan zullen wij met alle heilgen saam
in ’t morgenlicht op hoge tinnen staan
en hoogt’ en diepte, lengt’ en breedte van
Gods heil doormeten mogen.
Dan kennen wij de liefde uit den hoge,
al gaat zij verre het verstand te boven.
Wij zullen tot de volle wasdom komen
in Gods verheven naam.
Gebed
Bijbellezing Jakobus 1: 1 t/m 8 (NBV21)
1 Van Jakobus, dienaar van God en van de Heer Jezus Christus. Aan de twaalf stammen in de diaspora. Ik groet u.
2 Het moet u tot grote blijdschap stemmen, broeders en zusters, als u allerlei beproevingen ondergaat. 3 Want u weet: wanneer uw geloof op de proef wordt gesteld, leidt dat tot standvastigheid. 4 Als die standvastigheid ook daadwerkelijk blijkt, zult u volmaakt en volkomen zijn, zonder enige tekortkoming.
5 Komt een van u wijsheid tekort? Vraag God erom en Hij, die aan iedereen geeft, zonder voorbehoud en zonder verwijt, zal u wijsheid geven. 6 Vraag vol vertrouwen, zonder enige twijfel. Twijfelaars zijn als de golven in zee, die door de wind nu eens de ene en dan weer de andere kant op worden geblazen. 7-8 Wie zo aarzelend en onberekenbaar is bij alles wat hij doet, moet niet denken dat hij iets van de Heer zal krijgen.
Bijbellezing Mattheüs 14: 22-32 (NBV21)
22 Meteen daarna gelastte Hij de leerlingen in de boot te stappen en alvast vooruit te gaan naar de overkant. Hij zou ook komen nadat Hij de mensen had weggestuurd. 23 Toen Hij hen weggestuurd had, ging Hij de berg op om er in afzondering te bidden. De nacht viel, en Hij was daar helemaal alleen. 24 De boot was intussen al vele stadiën van het vasteland verwijderd en werd, als gevolg van de tegenwind, door de golven geteisterd. 25 Tegen het einde van de nacht kwam Hij naar hen toe, lopend over het water. 26 Toen de leerlingen Hem op het water zagen lopen, raakten ze in paniek. Ze riepen: ‘Een geest!’ en schreeuwden het uit van angst. 27 Meteen sprak Jezus hen aan: ‘Houd moed! Ik ben het, wees niet bang!’ 28 Petrus antwoordde: ‘Heer, als U het bent, zeg me dan dat ik over het water naar U toe moet komen.’ 29 Hij zei: ‘Kom!’ Petrus stapte uit de boot en liep over het water naar Jezus toe. 30 Maar toen hij voelde hoe sterk de wind was, werd hij bang. Hij begon te zinken en schreeuwde het uit: ‘Heer, red me!’ 31 Meteen strekte Jezus zijn hand uit, Hij greep hem vast en zei: ‘Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld?’ 32 Toen ze in de boot stapten, ging de wind liggen.
Johan de Heer 17: 1, 2 & 3
1. Als ik maar weet, dat hier mijn weg,
door U, Heer, wordt bereid;
en dat die weg, hoe moeilijk ook,
mij nader tot U leidt.
Nader tot U, nader tot U,
nader, mijn Heiland, tot U;
als ik maar weet, dat alles hier,
mij nader brengt tot U.
2. Als ik maar weet, dat ook voor mij,
de Heer aan ’t kruishout stierf;
en dat de Heiland ook voor mij,
een levenskroon verwierf.
Nader tot U, nader tot U,
nader, mijn Heiland, tot U;
als ik maar weet, dat alles hier,
mij nader brengt tot U.
3. Als ik maar weet, Uw liefd’ o Heer,
vertroost mij dag aan dag;
dan juich ik voort, wat ook mijn lot
op aarde wezen mag.
Nader tot U, nader tot U,
nader, mijn Heiland, tot U;
als ik maar weet, dat alles hier,
mij nader brengt tot U.
Verkondiging
Hemelhoog 433: 1, 2 & 3
1. Stil, mijn ziel, wees stil,
en wees niet bang
voor de onzekerheid van morgen.
God omgeeft je steeds;
Hij is erbij
in je beproevingen en zorgen.
God, U bent mijn God
en ik vertrouw op U
en zal niet wank’len.
Vredevorst, vernieuw
een vaste geest binnenin mij,
die rust in U alleen.
2. Stil, mijn ziel, wees stil
en dwaal niet af;
dwars door het dal zal Hij je leiden.
Stil, vertrouw op Hem
en hef je schild
tegen de pijlen van verleiding.
God, U bent mijn God
en ik vertrouw op U
en zal niet wank’len.
Vredevorst, vernieuw
een vaste geest binnenin mij,
die rust in U alleen.
3. Stil, mijn ziel, wees stil
en laat nooit los
de waarheid die je steeds omarmd heeft.
Wacht, wacht op de Heer;
de zwartste nacht
verdwijnt wanneer het daglicht doorbreekt.
God, U bent mijn God
en ik vertrouw op U
en zal niet wank’len.
Vredevorst, vernieuw
een vaste geest binnenin mij,
die rust in U alleen.
Ik rust in U alleen.
Dank & voorbeden
Collecte:
1. Diaconie projectcollecte Projectcollecte ZOA – Ethiopië
2. Eredienst
3. Kerkrentmeesters
(klik op de afbeelding om te geven via de kerk-app)
Slotlied Gezang 291 (staande)
1. Nooit kan ’t geloof te veel verwachten,
des Heilands woorden zijn gewis.
’t Faalt aardse vrienden vaak aan krachten,
maar nooit een vriend als Jezus is.
Wat zou ooit zijne macht beperken?
’t Heelal staat onder zijn gebied!
En wat zijn liefde wil bewerken,
ontzegt Hem zijn vermogen niet.
2. Die hoop moet al ons leed verzachten.
Komt, reisgenoten, ’t hoofd omhoog!
Voor hen, die ’t heil des Heeren wachten,
zijn bergen vlak en zeeën droog.
O zaligheid niet af te meten,
o vreugd, die alle smart verbant!
Daar is de vreemd’lingschap vergeten
en wij, wij zijn in ’t vaderland!
Zegen | “Amen, amen, amen”
Uitleidend orgelspel
